Regionaal warmtenet Holland Rijnland: minder netcongestie en minder maatschappelijke kosten

Een regionaal warmtenet kan in de toekomst een groot deel van Regio Holland Rijnland van duurzame warmte voorzien én netcongestie verzachten. Technisch gezien kan het, met gebruik van aardwarmte en warmte uit de Rotterdamse haven. Maar: om het haalbaar te maken is financiële zekerheid nodig.

Het is een mooi toekomstbeeld voor Holland Rijnland: een regionaal verbonden warmtenet dat een groot deel van de regio van duurzame warmte zal voorzien. Met gebruik van lokale aardwarmtebronnen en warmte uit de Rotterdamse haven via de ondergrondse leiding WarmtelinQ, die Gasunie aanlegt door Zuid-Holland. ‘We weten dat het technisch gezien mogelijk is en veel potentie heeft’, zegt Astrid Madsen, warmtecoördinator voor Regio Holland Rijnland.

Grote verschil zit in netcongestie

Bovendien levert een dergelijk warmtenet meerwaarde op voor de maatschappij. Met name omdat het de druk op het elektriciteitsnet niet onnodig verhoogt. Dat blijkt uit een recente maatschappelijke kosten-batenanalyse (MKBA), die de regio voor het warmtesysteem heeft laten uitvoeren. ‘In de MKBA hebben we het regionaal verbonden warmtenet vergeleken met twee andere scenario’s’, zegt Astrid. ‘Namelijk met een scenario met volledig individuele warmtepompen en een scenario met uitsluitend lokale warmtenetten.’

Op het eerste gezicht liggen de maatschappelijke kosten en baten van de scenario’s dicht bij elkaar. ‘Het grote verschil zit in netcongestie’, zegt Astrid. ‘Voor de scenario’s met warmtepompen en lokale warmtenetten is meer elektriciteit nodig dan voor een regionaal verbonden warmtenet. Uit onze MKBA blijkt dat bij een vertraging van het verzwaren van het elektriciteitsnet met twee jaar, een regionaal warmtenet daardoor zo’n 27 procent gunstiger wordt. Dat komt overeen met een maatschappelijke meerwaarde van ongeveer 1,7 miljard euro.’ Het is niet de vraag óf de aanpak van netcongestie vertraagt, maar meer met hoeveel jaar, zegt Astrid. ‘Daarom is een keuze voor een regionaal warmtenet uiteindelijk gunstiger, omdat het net minder verzwaard hoeft te worden en dat dus ook goedkoper is. Het risico op hoge maatschappelijke kosten is met een regionaal verbonden warmtenet veel lager dan met individuele warmtepompen.’

Financiële zekerheid nodig

Dan zou je zeggen: start maar snel met het realiseren van een regionaal warmtenet. ‘Inderdaad’, glimlacht Astrid. ‘Ware het niet dat de baten van het vermijden van netcongestie niet meetellen in de businesscase. Daardoor is de aanleg van het warmtenet nu nog niet haalbaar. Gemeenten staan klaar en investeerders in geothermie ook. Maar zij hebben op korte termijn financiële zekerheid nodig, anders kunnen zij niet van start. Dat zou heel erg jammer zijn. Want als we nu niet snel investeren in regionale warmtenetten, gaan mensen op zoek naar andere oplossingen om van het aardgas af te gaan, zoals individuele warmtepompen of lokale warmtenetten. Met als gevolg: toenemende netcongestie en veel hogere maatschappelijke kosten.’

Rijk moet perspectief bieden

Vanwege de grote maatschappelijke meerwaarde roepen Astrid en haar collega Martijn Spaan, programmamanager energietransitie bij Regio Holland Rijnland, de rijksoverheid op meer geld te reserveren voor regionale warmtenetten: er zijn betere financiële instrumenten en subsidies nodig om de ontwikkeling van deze warmtenetten op gang te brengen. ‘Bied in elk geval perspectief aan kansrijke projecten’, zegt Martijn. ‘Zodat we kunnen laten zien dat het kan. Als het Rijk ons financiële zekerheid biedt, kunnen wij door met ons project in Holland Rijnland. Met als wenkend toekomstbeeld duurzame warmte voor talloze huishoudens, minder druk op het elektriciteitsnet, en minder hoge maatschappelijke kosten.’ Bovendien gaat het in de energietransitie niet alleen om geld, voegt hij toe. ‘We willen minder afhankelijk worden van anderen voor onze energievoorziening. Warmtenetten dragen bij aan een robuust en onafhankelijk energiesysteem van de toekomst. We hebben nú de kans om daarin te investeren. Die moeten we niet laten lopen.’

Meer informatie

    Afbeeldingen

    Cookie-instellingen