De RES-aanpak werd bedacht nadat eerdere windmolenprojecten – die ten tijde van het Energieakkoord met een rijkscoördinatieregeling opgelegd konden worden - tot enorme maatschappelijke onrust hadden geleid.
De decentrale overheden vormden daarom in het kader van het Klimaatakkoord zelf de 30 regio’s die een Regionale Energiestrategie (RES) maakten. Gemeenten, provincies en waterschappen werken in de regio’s samen met inwoners, maatschappelijke partijen, energiecoöperaties, netbeheerders en het Rijk. Zij zoeken gezamenlijk plekken om grootschalig duurzame energie op land op te wekken. Ook kijken zij welke bovengemeentelijke warmtebronnen benut kunnen worden. Omdat verschillende onderdelen van de energietransitie – zoals opwek, warmtenetten en infrastructuur – nauw samenhangen, kijken regio’s inmiddels naar het energiesysteem als geheel. Zij werken aan Energietafels, in Energieregio’s en aan Energieaanpakken.
De RES is geen bestuursorgaan. Gemeenten, provincies en waterschappen werken in de regio’s samen met elkaar en met inwoners, maatschappelijke partijen, energiecoöperaties, netbeheerders en het Rijk. Ieder vanuit hun eigen rol en bevoegdheden. Die samenwerking zorgt voor gezamenlijk eigenaarschap. Het is een aanpak die ook een lerend karakter heeft. Dat is waardevol gebleken in een transitie die veel onzekerheden kent. De besluitvorming vindt altijd plaats in de individuele gemeentes, provincies en waterschappen. De volksvertegenwoordigers van provincies, gemeenten en waterschappen hebben dan ook in 2021 de RES vastgesteld.
De rol van de RES-regio’s verandert mee met de ontwikkeling van het energiesysteem. De drie nationale programma’s (NP RES, het Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie (NPLW) en het Samenwerkingsprogramma Integraal Programmeren van het Energiesysteem (SP IPE)) gaan de krachten bundelen in een Landelijk Ondersteuningsprogramma Energietransitie i.o. Dat programma blijft energieregio’s – die werken aan het bredere energiesysteem - ondersteunen. De financiering voor de regio's zit t/m 2030 in de Rijksbegroting, dus de regio's kunnen voorlopig vooruit.
De volksvertegenwoordigers in de 30 regio’s hebben in hun eerste Regionale Energiestrategie besloten dat zij gezamenlijk 55 TWh duurzame elektriciteit op land willen opwekken in 2030. In het Nationaal Plan Energiesysteem (NPE) van het Rijk is de ambitie voor duurzame opwek zelfs hoger, en ook de jaren daarna blijft volgens het NPE de behoefte aan elektriciteit en daarmee de noodzaak voor duurzame elektriciteit op land groeien. Het realiseren van de 55 TWh is dus nodig voor het nakomen van nationale en Europese afspraken. En die afspraken zijn er, omdat voldoende betaalbare elektriciteit nodig is voor onder andere woningbouw, bedrijvigheid en mobiliteit. Daarom houden bestuurders uit de 30 regio’s hun eigen doelen van gezamenlijk 55 TWh vast in de jaren na 2030, ondanks belemmeringen en ook al zal de 55 TWh niet in 2030 gehaald worden.
Actueel
Werkwijze
Energiesysteem
Leefomgeving
Participatie
Communicatie
Wij helpen je graag verder!
Schrijf je in voor de nieuwsbrief
Deze website maakt gebruik van cookies. Lees meer over cookies in onze cookieverklaring.
Deze cookies verzamelen nooit persoonsgegevens en zijn noodzakelijk voor het functioneren van de website.
Deze cookies verzamelen gegevens zodat we inzicht krijgen in het gebruik en deze website verder kunnen verbeteren.
Deze cookies worden gebruikt om statistieken te meten over het gebruik van de website (bijvoorbeeld via Google Analytics, Siteimprove of Matomo) en voor externe videodiensten zoals YouTube of Vimeo. Hiervoor maken wij gebruik van diensten van derde partijen. Deze cookies worden alleen geplaatst na jouw toestemming.
Jouw keuze aanpassen? Dat kan op elk moment via de cookie-instellingen in de footer.